Sterilisatie en castratie
Op welke leeftijd kan ik mijn kat laten castreren/steriliseren?
Wij adviseren om katertjes op 6 maanden leeftijd te laten castreren en poesjes op 6-7 maanden. Gaat uw kater eerder sproeien, maak dan zo snel mogelijk een afspraak, want als het sproeigedrag er eenmaal goed inzit, is castratie niet altijd voldoende om hem te laten stoppen.
Poesjes die buiten komen moeten gesteriliseerd worden voor hun eerste krolsheid, anders is de kans groot dat de kater van de buren u voor is en u opeens met een tienermoedertje zit.
Ongecastreerde katers sproeien niet alleen, ze zwerven meer en lopen daardoor meer kans op (auto)ongelukken en vechten ook meer waardoor ze vaker abcessen oplopen en veel meer risico hebben op katten-aids. Daarom adviseren wij eigenlijk standaard om katers te castreren, voor hun eigen gezondheid (ongelukken en vechtwonden), uw humeur (sproeien) en het voorkomen van overbevolking onder de kattenpopulatie van Vathorst.
Bedenk wel dat bij gecastreerde/gesteriliseerde katten de energiebehoefte omlaag gaat. Dit betekent dat wanneer u ze dezelfde hoeveelheid voer blijft geven, de kans groot is dat hij/zij tonnetje rond wordt. Daarom is het verstandig om na die operatie de kat nog maar 2/3 van het voer te geven dat ze daarvoor kregen. Wordt de kat te mager, dan geeft u iets meer eten.